vooruitzicht

substantiefprs = in uitdrukkingen, spreekwoorden, e.d.

De vooruitzichten zijn goed, stelde hij tevreden vast.

Volgens de vooruitzichten zal er weer treinverkeer mogelijk zijn vanaf 4 maart.

Wat een vreselijk vooruitzicht!

In dit segment ziet het bedrijf goede vooruitzichten.

Gezien de vooruitzichten is de kans dat hem dit lukt, klein.

De vooruitzichten voor de economie in het algemeen zijn licht verbeterd.

Maar alle betrokkenen zagen gisteren de vooruitzichten somber in.

De vakbonden zijn voorzichtig positief over de vooruitzichten.

Er wordt namelijk een vergoeding in het vooruitzicht gesteld.

Nog geen échte crisis in het vooruitzicht, dus.

Hun is een schorsing in het vooruitzicht gesteld.

Met de gemeenteraadsverkiezingen in het vooruitzicht loopt hij een risico.

Hij vindt het vooruitzicht in Nederland te kunnen werken geweldig.

De economische vooruitzichten voor dit jaar zijn gunstig.

De vooruitzichten verslechteren met de dag.

Zelfs een dertiende maand ligt in het vooruitzicht.

Die gunstige vooruitzichten zijn wel kwetsbaar, stelt Hukker.

Nog een vooruitzicht dat beleggers zal aanspreken.

Toch zijn de vooruitzichten voor deze kinderen nooit zo goed geweest.

Het vooruitzicht in Europa wordt dan doormodderen, vrezen sommigen.

Voor beleggers is zoveel onzekerheid geen fijn vooruitzicht.

Kinderen zonder enig vooruitzicht, gevangen in een grauw verleden.

De vooruitzichten voor het land zijn volgens S&P stabiel.

De winter is verveling, gebrek aan vooruitzichten.

Trekt dat rooskleurig vooruitzicht dan niet meer meisjes aan?

Betekenissen

subject bij

Welke werkwoorden hebben vooruitzicht als subject?

blijven

maken

verbeteren

verslechteren

object bij

Welke werkwoorden hebben vooruitzicht als object?

aanpassen

bieden

bijstellen

geven

krijgen

maken

noemen

publiceren

schetsen

verhogen

(3 meer)

bepaling voor "vooruitzicht"

adjectief, participium of numerale

aanlokkelijk

aantrekkelijk

economisch

fijn

financieel

goed

gunstig

heerlijk

leuk

macro-economisch

(13 meer)

bepaling na "vooruitzicht"

prepositiegroep of conjunctiegroep

in

op:

arbeidsmarkt

baan

groei

herstel

lidmaatschap

verbetering

vrede

werk

van:

bedrijf

dood

economie

land

onderneming

ontwikkeling

referendum

regering

rente

uitbreiding

(1 meer)
voor:

België

Nederland

bedrijf

economie

groei

helft

jaar

kind

kwartaal

land

(2 meer)

bijzin ingeleid door

dat

"vooruitzicht" in adpositiegroep of conjunctiegroep

prepositie of conjunctie

bij

door

gezien

in

met

ondanks

over

tegen

vanwege

volgens

(1 meer)

"vooruitzicht" in adpositiegroep of conjunctiegroep bij een ander woord

gebrek aan vooruitzicht

in het vooruitzicht liggen

in het vooruitzicht stellen

optimistisch over de vooruitzichten

zonder enig vooruitzicht

in uitdrukkingen, spreekwoorden, e.d.

in het vooruitzicht van

Er zijn (nog) geen patronen opgetekend.

Voor meer informatie over dit woord: klik op Voorbeeldzinnen of Combinatiemogelijkheden.