eruitzien

werkwoordprs = in uitdrukkingen, spreekwoorden, e.d.

De nieuwe bushaltes zien er mooi uit.

Maar erg hoopvol ziet de toestand er voor hem niet uit.

Hij heeft er in tijden niet meer zo fit uitgezien.

De bomen zijn de trots van de buurt, maar ze zien er niet uit.

Sommige hebben grote tanden, andere zien eruit als draken.

Ze ziet er stralend uit in haar jurkje.

Niemand weet hoe de zondag eruit zal gaan zien.

Ik zag hem backstage en moet toegeven: die zag er goed uit voor een 69­jarige.

Het huis moest eruitzien alsof het nog werd bewoond.

De situatie zag er volgens ingewijden niet goed uit.

De kleine pinguïns zien er schattig uit met hun donsveren.

Het zag er gek uit, maar voor mij was het logisch.

Ik weet niet hoe mijn toekomst eruit zal zien.

Op tafel ziet het gerecht er veelbelovend uit: mooie saus, lekkere kaas.

De bed and breakfasts zien eruit alsof ze betere tijden kenden.

Het zag er ernstig uit, maar er kwam niet eens een arts bij.

Ze zien er ongeveer hetzelfde uit, al is de achterkant nu van glas.

Op één na zien alle stadions er tiptop uit.

De match had er heel anders uitgezien als mijn goal was goedgekeurd.

En de trollen zien er behoorlijk angstaanjagend uit.

Hij moet ook wel, want de peilingen zien er voor hem niet echt goed uit.

Hoe die organismen eruitzagen, blijft een raadsel.

De reconstructies van de filmscènes zien er knullig uit, maar dat is juist de bedoeling.

De dokter vond dat ik er erg bleek uitzag en zij stemde in met het weigeren van de controle.

Dat ziet er zo makkelijk uit, dat ook ik het wil proberen.

subject

Wie of wat (...)?

substantief

beeld

behandeling

dag

dier

film

gebouw

kamer

landschap

leven

man

(12 meer)

pronomen

alles

dat

deze

die

dit

het

iedereen

iemand

ze

bepaling

Waar, wanneer, hoe, enz. (...) men?

adverbium

niet

niet

prepositiegroep

in:

...

op:

...

predicatieve aanvulling

adjectief of adverbium

aantrekkelijk

anders

beroerd

best

eenvoudig

fantastisch

fraai

fris

gelukkig

geweldig

(34 meer)

pronomen

allemaal

zelf

prepositiegroep of conjunctiegroep

(zo)als

alsof

verbum auxiliare of groepsvormend verbum

Welk hulpwerkwoord of groepsvormend werkwoord wordt vaak gebruikt bij eruitzien?

blijven

doen

gaan

kunnen

laten

moeten

mogen

vinden

willen

zullen

Er zijn (nog) geen patronen opgetekend.

Voor meer informatie over dit woord: klik op Voorbeeldzinnen of Combinatiemogelijkheden.